Beste pensioengerechtigde, Welkom bij Stichting Pensioenfonds Lloyd’s Register Nederland! Als pensioengerechtigde ontvangt u een pensioen van ons pensioenfonds. In dit Pensioen 1-2-3 leest u wat u wel en niet krijgt in onze pensioenregeling. Pensioen 1-2-3 bevat geen persoonlijke informatie over uw pensioen. Die vindt u wel op uw pensioenoverzicht dat u ieder jaar van ons ontvangt.

Wat vindt u in laag 1, 2 en 3? Pensioen 1-2-3 bestaat uit 3 lagen. In de eerste laag leest u in het kort de belangrijkste informatie over uw pensioen. In deze laag 2 vindt u meer informatie over alle onderwerpen uit laag 1. In laag 3 staan alle belangrijke documenten van het pensioenfonds zoals het pensioenreglement, het jaarverslag en de statuten.

  • Wat krijgt u in onze pensioenregeling?

    • Ouderdomspensioen
      Als gepensioneerde ontvangt u van ons pensioenfonds ouderdomspensioen. Dit pensioen keren wij maandelijks aan u uit tot het einde van de maand waarin u overlijdt.

      Uw ouderdomspensioen is een aanvulling op de AOW. De AOW is het pensioen dat u van de overheid ontvangt als u de AOW-leeftijd (heeft) bereikt.

      Hoeveel pensioen u ontvangt van Stichting Pensioenfonds Lloyd’s Register Nederland is vooral afhankelijk van de hoogte van het salaris dat u heeft verdiend, de inhoud van de pensioenregeling waaraan u deelnam en het aantal jaren dat u heeft deelgenomen. Ieder jaar ontvangt u van ons een pensioenoverzicht waarop de hoogte van uw pensioenen staan vermeld.

      Meer informatie
    • Partnerpensioen
      Partners van gepensioneerden ontvangen een partnerpensioen als de gepensioneerde overlijdt. Dit geldt alleen als het huwelijk of (geregistreerd) partnerschap voor de pensioendatum is aangegaan. Het partnerpensioen gaat in op de eerste dag van de maand volgend op de maand waarin u overlijdt en wordt maandelijks, levenslang aan de partner uitgekeerd.

      De hoogte van het partnerpensioen staat vermeld op het pensioenoverzicht dat jaarlijks wordt verstrekt.

      De partner heeft misschien ook recht op een wettelijke nabestaandenuitkering van de overheid: de ANW-regeling. Hieraan zijn voorwaarden verbonden. Uw partner moet dan een of meer minderjarige kinderen te verzorgen hebben of gedeeltelijk arbeidsongeschikt zijn. Meer informatie hierover kunt u vinden op de website van de Sociale Verzekeringsbank (SVB) www.svb.nl.

      Meer informatie
    • Wezenpensioen
      Kinderen van gepensioneerden ontvangen een wezenpensioen als de gepensioneerde overlijdt.

      Elk kind ontvangt wezenpensioen tot hij of zij 21 jaar is. Zolang het kind op school zit, studeert of invalide is, ontvangt het kind wezenpensioen uiterlijk tot hij of zij 27 jaar is.

      Meer informatie
    • Pensioenreglement
      Wilt u precies weten wat onze pensioenregeling u biedt? Klik dan door naar het pensioenreglement in laag 3

      Meer informatie
  • Wat krijgt u in onze pensioenregeling niet?

    • Geen tijdelijk partnerpensioen na uitdiensttreding
      De aanspraak op tijdelijk partnerpensioen is alleen verzekerd zolang u in dienst bent bij Lloyd’s Register Nederland B.V. of Lloyd’s Register EMEA. Uw tijdelijk partnerpensioen is bij beëindiging van uw dienstverband vervallen zonder waarde. Indien u nabestaande bent en zelf reeds een tijdelijk partnerpensioen van ons ontvangt, dan wordt dit uitgekeerd tot uw 65-jarige leeftijd (als het tijdelijk partnerpensioen vóór 2015 is ingegaan) of tot uw AOW-leeftijd (als het tijdelijk partnerpensioen na 2014 is ingegaan).

      Meer informatie
  • Hoe bouwt u pensioen op?

    Als pensioengerechtigde bouwt u geen pensioen meer op bij het pensioenfonds.

  • Welke keuzes heeft u zelf?

    Het pensioenreglement biedt een aantal keuzes, zoals uitstel of vervroegen van de pensioendatum en het ruilen van partnerpensioen in ouderdomspensioen. Deze keuzes konden op de pensioendatum worden gemaakt. Omdat u reeds pensioen ontvangt zijn deze keuzemogelijkheden niet meer op u van toepassing.

  • Hoe zeker is uw pensioen?

    • Welke risico’s zijn er?
      De opbouw en uitbetaling van pensioen gaan over een heel lange periode. Vanaf de start van de opbouw tot de laatste pensioenbetaling kan wel eens 80 jaar zitten. In zo’n periode verandert de wereld waardoor er risico’s kunnen ontstaan die uw pensioen bedreigen. De risico's leiden mogelijk tot een tekort.

      Ons pensioenfonds heeft te maken met onder meer de volgende risico’s:

      • Mensen worden gemiddeld steeds ouder. Als deelnemers gemiddeld ouder worden, moet hun pensioen langer worden uitbetaald. Het pensioenfonds moet dan meer geld hebben dan waar eerst op werd gerekend.
      • De rentestand beïnvloedt de waarde van de pensioenen. Pensioenfondsen maken van tevoren een inschatting van het geld dat ze nodig hebben om de pensioenen te kunnen uitbetalen. Hoe lager de rente is, hoe meer geld wij als pensioenfonds ‘in kas’ moeten hebben om later alle pensioenen te kunnen uitbetalen. Als de rente langdurig laag blijft, maakt dat de pensioenen dus duur.
      • Ook de beleggingsresultaten kunnen tegenvallen. Daarom zorgt het pensioenfonds ervoor dat de beleggingen gespreid worden over meerdere beleggingssoorten. Winst op een belegging kan verlies op een andere belegging goedmaken.

      Er zijn meer risico’s waar het pensioenfonds rekening mee moet houden om uw pensioen zo goed mogelijk te beschermen. Het pensioenfonds moet die risico’s dus letterlijk ‘managen’. Meer informatie over het risicomanagement van het pensioenfonds leest u in het jaarverslag in laag 3.

      Meer informatie

      Dekkingsgraad
      Vanaf 2015 moeten pensioenuitvoerders bij beleidsbeslissingen gebruikmaken van de zogenoemde beleidsdekkingsgraad. De beleidsdekkingsgraad is onder meer van belang bij besluiten van het bestuur die gaan over het verlenen van indexatie. Ook is de beleidsdekkingsgraad een belangrijke graadmeter voor de vraag of het pensioenfonds genoodzaakt is de pensioenen te verlagen. De beleidsdekkingsgraad is het gemiddelde van de dekkingsgraden van de laatste twaalf maanden.

      Meer informatie
    • Waardevast pensioen
      Normaal gesproken wordt geld elk jaar iets minder waard. U kunt met hetzelfde bedrag in 2018 iets minder kopen dan in 2017. Dat heet ‘inflatie’. Vanwege de inflatie probeert het pensioenfonds uw pensioen jaarlijks te indexeren. Dat wil zeggen dat het pensioen jaarlijks wordt verhoogd aan de hand van de prijsstijging. Wij noemen dit een waardevast pensioen.

      Het lukt niet altijd om de pensioenen mee te laten groeien met de stijging van de prijzen. Als het financieel tegenzit, kan het zo zijn dat het pensioenfonds niet of niet volledig kan indexeren. Dat betekent dan dat uw pensioen minder waard wordt. Als het daarna financieel meezit, kan het pensioen eventueel extra worden geïndexeerd om koopkracht te herstellen.

      De afgelopen jaren hebben wij de pensioenen per 1 januari voor pensioengerechtigden als volgt geïndexeerd:


      Jaar Indexatie Stijging van de prijzen *
      2019 0,0% 1,88%
      2018 0,0% 1,5%
      2017 0,0% 0,1%
      2016 0,0% 0,6%
      2015 0,4% 0,9%
      2014 1,0% 2,5%
      2013 0,0% 2,3%
      2012 0,0% 2,7%
      2011 0,0% 1,6%
      2010 0,0% 0,4%
      * De cijfers over stijging van de prijzen zijn gebaseerd op cijfers van het CBS.
      Meer informatie
    • Als er een tekort is
      Het kan gebeuren dat Stichting Pensioenfonds Lloyd’s Register Nederland ondanks alle voorzorgen toch geld tekort komt om op de lange termijn alle pensioenen te kunnen uitbetalen. Dan moet er iets gebeuren. De werkgever stort geen geld bij als er een tekort is. Als het pensioenfonds een tekort heeft, moeten wij het pensioen dat u tot nu toe hebt opgebouwd verlagen. Wij doen dit alleen in het uiterste geval.

      Voor Stichting Lloyd’s Register Nederland is er sinds 2015 een herstelplan van kracht waarin we aangeven welke maatregelen we nemen om het vermogen binnen 10 jaar weer op het vereiste niveau te brengen. In 2018 is het herstelplan geactualiseerd.

      Meer informatie
  • Welke kosten maken wij?

    • Het pensioenfonds maakt verschillende kosten om de pensioenregeling uit te voeren. Denk bijvoorbeeld aan kosten voor de administratie. Daar vallen de kosten voor de uitbetaling van de pensioenen en het innen van de premies onder. Ook maken wij kosten voor de communicatie, bijvoorbeeld voor het maken en onderhouden van de website en het verzenden van het Uniform Pensioenoverzicht (UPO). Verder heeft het pensioenfonds adviseurs en wordt het jaarverslag gecontroleerd door een accountant en een actuaris. Een onderdeel van de pensioenpremie die door de werkgever en werknemers betaald wordt, is bestemd voor het betalen van deze kosten. Hierdoor komen deze kosten niet ten laste van het vermogen van het pensioenfonds.

      Daarnaast zijn er de kosten om het vermogen te beheren. Beleggen van het vermogen kost geld. Wij betalen bijvoorbeeld de partijen waaraan wij vragen om het vermogen te beleggen. Ook maken wij transactiekosten. Dit zijn bijvoorbeeld de kosten die de beurs in rekening brengt bij de aankoop of verkoop van aandelen of obligaties. De kosten om het vermogen te beheren betaalt het pensioenfonds zelf en komen ten laste van het rendement van het pensioenfonds. In het jaarverslag vindt u meer informatie over de kosten van het pensioenfonds.

      Meer informatie
  • Wanneer moet u in actie komen?

    • Als u gaat scheiden of het samenwonen of geregistreerd partnerschap beëindigt
      Bij (echt)scheiding of beëindiging van het geregistreerd partnerschap heeft uw ex-partner recht op de helft van het ouderdomspensioen dat u opbouwde tijdens het huwelijk / de periode van het geregistreerd partnerschap. U kunt met uw ex-partner afwijkende afspraken maken. Deze afspraken moeten worden vastgelegd in het scheidingsconvenant. Om ervoor te zorgen dat de ex-partner een deel van het ouderdomspensioen ontvangt, moet u of uw ex-partner binnen twee jaar het pensioenfonds op de hoogte stellen van de scheiding en de eventuele afwijkende afspraken.

      Let op: het recht op een deel van het ouderdomspensioen geldt niet voor ongehuwd samenwonenden. Ongehuwd samenwonenden moeten zelf afspraken maken over de verdeling van het pensioen.

      Uw ex-partner heeft ook recht op het partnerpensioen dat u opbouwde tot de datum van scheiding, beëindiging geregistreerd partnerschap of het einde van het samenwonen. Beëindiging van een huwelijk of geregistreerd partnerschap vernemen wij via de gemeente. Als ongehuwd samenwonende dient u de beëindiging van de samenleving zelf aan het pensioenfonds door te geven. Ook als uw ex-partner afstand doet van het recht op partnerpensioen, dan moet u het pensioenfonds informeren. De afwijkende afspraak over het partnerpensioen moet zijn opgenomen in een (scheidings)convenant dat door beide ex-partners is ondertekend. Het pensioenfonds beoordeelt zelf of het aan de afwijkende afspraak meewerkt. Pas als de afspraak door het pensioenfonds schriftelijk is bevestigd, is deze geldig.

      Meer informatie
    • Als u verhuist naar het buitenland
      Meld dit aan het pensioenfonds en bespreek wat de gevolgen zijn voor uw pensioen. Zorg dat het pensioenfonds altijd op de hoogte blijft van uw adres, ook als u binnen het buitenland opnieuw verhuist. Wij kunnen het pensioen alleen aan u uitbetalen als wij uw verblijfadres weten.

      Meer informatie
    • Als u vragen heeft
      Neem contact met ons op als u vragen heeft of gebruikmaakt van de actie- en/of keuzemogelijkheden via:

Benieuwd naar uw totale pensioen? Kijk op www.mijnpensioenoverzicht.nl